GELOOFSTWIJFEL: Ben ik wel echt gered?

Apologeet.nl

GELOOFSTWIJFEL: Ben ik wel echt gered?

Ben ik wel echt gered? Misschien heb je jezelf die vraag al honderden keren gesteld. Je gelooft in Jezus. Je wilt Hem volgen. Maar dan kijk je naar je leven en denk je: Hoe kan ik weten dat mijn geloof echt is? Waarom zondig ik nog steeds? Waarom twijfel ik dan zo vaak? Wat als ik mezelf voor de gek houd?

En hoe meer je hierover nadenkt, hoe onzekerder je wordt. Je kijkt naar je leven en vraagt je af: Ben ik werkelijk van Christus?

Ik heb hier ook mee geworsteld en ik wil je laten zien wat ik hierover ontdekt heb. De Bijbel leert ons namelijk niet dat een christen zijn hele leven in onzekerheid moet blijven. Sterker nog: de apostel Johannes schrijft in

1 Johannes 5:13

Deze dingen heb ik geschreven aan u die gelooft in de Naam van de Zoon van God, opdat u weet dat u het eeuwige leven hebt en opdat u gelooft in de Naam van de Zoon van God.

Let op dat woord: weet. Niet: hoop misschien. Niet: vermoed. Niet: als je maar hard genoeg je best doet. Johannes schrijft dat een gelovige kan weten dat hij het eeuwige leven heeft.

En later in deze video ga ik je laten zien waar je dan wél naar kunt kijken als je wilt weten of je geloof werkelijk is. Want zekerheid is niet hetzelfde als jezelf zomaar geruststellen. Maar laten we eerst een kijken hoe je dan kan weten of je het eeuwige leven hebt.

Je redding hangt niet van jouw prestaties af

Laten we beginnen bij het fundament. Hoe wordt een mens gered? Niet doordat jij goed genoeg leeft. Niet doordat jij genoeg bidt. Niet doordat jij genoeg Bijbel leest. Niet doordat jij nooit meer zondigt. En zelfs niet doordat jouw geloof een bepaalde mate van kracht heeft. Wij worden gered door genade, door het geloof in Jezus Christus.

Paulus schrijft in Efeziërs 2:8-9

Want uit genade bent u zalig geworden, door het geloof, en dat niet uit u, het is de gave van God; niet uit werken, opdat niemand zou roemen.

Dat is ontzettend belangrijk wanneer je worstelt met geloofszekerheid. Want als jouw redding uiteindelijk afhankelijk zou zijn van jouw prestaties, dan zou je nooit zekerheid kunnen hebben. Want wanneer heb je genoeg gedaan? Wanneer heb je genoeg gebeden? Wanneer heb je genoeg berouw gehad? Wanneer is je geloof sterk genoeg? Wanneer heb je lang genoeg heilig geleefd?

Je zou voortdurend naar jezelf moeten kijken. En daar gaat het vaak mis. Want hoe langer je naar jezelf kijkt, hoe meer gebreken je zult ontdekken.

Maar het evangelie zegt: kijk niet naar jezelf alsof jij je eigen Verlosser moet zijn. Kijk naar Christus.

Wat heeft Hij gedaan? Hij heeft geleefd in volmaakte gehoorzaamheid. Hij heeft geleden. Hij is gestorven voor zondaren. Hij is opgestaan uit de dood. En iedereen die tot Hem komt in geloof, ontvangt vergeving en eeuwig leven.

Jezus heeft aan het kruis uitgeroepen: “Het is volbracht!” Dat staat in Johannes 19:30. Volbracht. Niet: het grootste deel is volbracht, nu moet jij de rest doen. Het is volbracht. Onze rechtvaardiging voor God rust niet op de volmaaktheid van onze prestaties, maar op de volmaakte gehoorzaamheid en het volbrachte werk van Jezus Christus.

Maar waarom twijfelen zoveel christenen dan?

Als dit zo duidelijk is, waarom hebben zoveel christenen dan toch last van twijfel? Daar kunnen verschillende redenen voor zijn. Soms komt twijfel voort uit onze eigen zonde. Soms doordat we onszelf voortdurend vergelijken met andere christenen. Soms doordat we bepaalde Bijbelteksten verkeerd begrijpen. Soms doordat we onze gevoelens verwarren met de waarheid.

En soms kan iemand gevangen raken in een patroon van voortdurend controleren: Heb ik wel echt geloof? Was mijn bekering wel echt? Heb ik wel genoeg berouw? Was dat gebed wel oprecht? Meende ik het wel echt?

En voor je het weet ben je niet meer bezig met Christus, maar voortdurend bezig met het analyseren van jezelf.

Maar er is nog een andere realiteit. De Bijbel waarschuwt dat er een geestelijke vijand is die erop uit is om te vernietigen.

Petrus schrijft in 1 Petrus 5:8

Wees nuchter en waakzaam; want uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, op zoek naar wie hij zou kunnen verslinden.

Satan kan Gods kinderen niet uit Christus’ hand rukken, maar hij wil maar wat graag je vreugde, vrijheid en zekerheid ondermijnen.

Jezus zegt immers in Johannes 10:28

En Ik geef hun eeuwig leven; en zij zullen beslist niet verloren gaan in eeuwigheid en niemand zal ze uit Mijn hand rukken.

Satan ziet graag een christen die voortdurend denkt: Misschien ben ik helemaal niet gered. Die gedachte kan uiteindelijk verlammend werken.

Maar let op: dat betekent niet dat iedere twijfel van Satan komt. Soms moeten we onszelf inderdaad onderzoeken.

De Bijbel zegt in 2 Korinthe 13:5

Onderzoek uzelf of u in het geloof bent, beproef uzelf.

Dus de oplossing is niet: “Twijfel nooit. Je bent sowieso gered.” Maar ook niet: “Als je twijfelt, zal er wel iets mis zijn met je geloof.” We moeten kijken naar wat de Bijbel werkelijk zegt.

Zelfonderzoek is in de Bijbel nooit bedoeld om je ogen eindeloos op jezelf gericht te houden, maar om je uiteindelijk opnieuw naar Christus te brengen.

“Maar ik zondig nog steeds!”

Een van de grootste oorzaken van geloofstwijfel is deze: “Als ik echt gered ben, waarom zondig ik dan nog?”

En misschien heb je weleens een tekst gelezen die je daar enorm bang voor maakte.

Bijvoorbeeld 1 Johannes 3:6

Ieder die in Hem blijft, zondigt niet; ieder die zondigt, heeft Hem niet gezien en heeft Hem niet gekend.

En dan denk je: Maar ik zondig nog! Dus misschien ben ik helemaal niet gered.

Maar je moet goed kijken naar wat Johannes zegt. Hij beschrijft niet iemand die gevallen is in zonde en daar verdriet over heeft. Johannes spreekt hier niet over een incidentele val in zonde, maar over een leven waarin zonde geen uitzondering is, maar een blijvend patroon waar iemand zich niet van bekeert.

Dat is iets anders.

Er is een enorm verschil tussen: “Ik zondig en het kan me niets schelen” en “Ik zondig, ik haat mijn zonde, ik heb er verdriet over en ik verlang ernaar om ervan bevrijd te worden.”

Een christen is niet iemand die nooit meer zondigt. Een christen is iemand die door Gods genade niet langer vrede kan hebben met zijn zonde.

Paulus beschrijft die strijd zelf in Romeinen 7:18 Hij zegt:

Want ik weet dat in mij, dat is in mijn vlees, niets goeds woont. Immers, het willen is er bij mij wel, maar het goede teweegbrengen, dat vind ik niet.

En even later in vers 24 roept hij:

Ik ellendig mens, wie zal mij verlossen uit het lichaam van deze dood?

En dan komt in vers 25 het antwoord:

Ik dank God, door Jezus Christus, onze Heere.

Zie je wat daar gebeurt? Paulus ontkent zijn strijd niet. Hij ontkent zijn zonde niet. Maar hij eindigt ook niet bij zichzelf. Hij eindigt bij Christus.

Een veranderd hart

Maar hier moeten we wel oppassen voor een andere fout. We mogen niet zeggen: “Je zondigt nog steeds, dus dat maakt helemaal niets uit.” Want de wedergeboorte verandert een mens werkelijk.

Wanneer God iemand nieuw leven geeft, verandert Hij niet alleen diens bestemming. Hij verandert ook diens hart en verlangens. Dat betekent niet dat je onmiddellijk volmaakt bent. Het betekent wel dat er een nieuwe richting ontstaat.

Je kunt nog vallen. Je kunt nog struikelen. Je kunt zelfs heel diep vallen. Maar er ontstaat iets wat er vroeger niet was: een verlangen naar God. Een verlangen naar Christus. Een verlangen om vrij te zijn van zonde. Een verdriet wanneer je God ongehoorzaam bent. Een verlangen om te groeien in heiligheid.

Niet omdat die dingen jouw redding verdienen, maar omdat ze vrucht zijn van wat God in jou heeft gedaan.

Paulus schrijft in Filippenzen 2:13

want het is God, Die in u werkt zowel het willen als het werken, naar Zijn welbehagen.

Dat is een prachtige tekst voor iemand die worstelt met geloofszekerheid. Want misschien denk jij: “Mijn verlangen naar God is niet sterk genoeg.” Maar vraag jezelf eens af: Waar komt dat verlangen eigenlijk vandaan?

Waar komt jouw verlangen vandaan om Christus te kennen? Waar komt het verdriet vandaan wanneer je zondigt? Waar komt het verlangen vandaan om Gods Woord te begrijpen? Waar komt het verlangen vandaan om Hem te gehoorzamen?

Die dingen zijn niet de grond waarop jij jezelf voor God rechtvaardigt. Maar ze kunnen wel vrucht zijn van Gods werk in jou.

Een dood hart verlangt niet naar het leven. Een hart dat door God levend is gemaakt, krijgt een verlangen naar God.

En straks wil ik je ook vertellen hoe dit er in mijn eigen leven uitzag. Want ik heb zelf ervaren dat je verstandelijk overtuigd kunt zijn van de waarheid van het christelijk geloof, terwijl je hart nog helemaal niet naar Christus wil.

Het idee van een ‘dood’ hart heb ik in een eerder artikel besproken. Daarin laat ik zien waaraan je kunt herkennen dat iemand nooit opnieuw geboren is “Het ene teken dat laat zien dat iemand nooit opnieuw geboren is.” Als je die nog niet hebt gezien, Less dit dan zeker na dit artikel. Want daar gaat het precies over: hoe kun je in je leven iets herkennen van het werk van de wedergeboorte?

Maar wat als mijn geloof te zwak is?

Misschien zeg je: “Maar mijn geloof voelt helemaal niet sterk.”

Dan wil ik je iets vragen. Is de kracht van jouw geloof datgene wat jou redt? Of is het Degene op Wie jouw geloof gericht is?

Stel dat iemand verdrinkt en hij grijpt een reddingsboei vast. Is hij gered omdat hij de reddingsboei heel krachtig vasthoudt? Nee. Hij wordt gered omdat de reddingsboei hem drijft.

Je geloof hoeft niet indrukwekkend te zijn. Het hoeft alleen gericht te zijn op een indrukwekkende Redder.

Jezus zegt in Johannes 6:37

Alles wat de Vader Mij geeft, zal tot Mij komen; en wie tot Mij komt, zal Ik beslist niet uitwerpen.

Dat is een belofte. Niet: wie sterk genoeg tot Mij komt. Niet: wie voldoende geloof heeft. Niet: wie nooit meer twijfelt. MAAR: Wie tot Mij komt.

En aan het einde van deze video wil ik drie dingen met je delen die je moet onthouden wanneer je worstelt met de vraag: “Ben ik wel echt gered?”

Misschien is juist dit jouw probleem

En nu komen we bij iets heel belangrijks. Misschien is jouw grootste probleem niet dat je te weinig naar jezelf kijkt, maar juist dat je te veel naar jezelf kijkt.

Je kijkt naar je zonden. Naar je gevoelens. Naar je prestaties. Naar je twijfels. Naar je gebeden. Naar je geloof. Naar je verleden. En je probeert uit al die dingen te bepalen of je gered bent.

Maar het christendom begint niet met: “Kijk naar jezelf en ontdek of je goed genoeg bent.” Het begint met: “Kijk naar Christus.”

Wat heeft Hij gedaan? Hij heeft geleefd in volmaakte gehoorzaamheid. Hij heeft geleden. Hij is gestorven voor zondaren. Hij is opgestaan uit de dood. En iedereen die tot Hem komt in geloof, ontvangt vergeving en eeuwig leven. En zelfs het geloof waarmee je Christus aanneemt, is geen prestatie waarmee je je redding verdient. Je komt juist met lege handen tot Christus en ontvangt uit genade wat Hij heeft volbracht.

Dat is het fundament.

Maar hoe weet ik dan of mijn geloof echt is?

Zoals ik eerder beloofde, wil ik nu laten zien waar je dan wél naar kunt kijken. Want hoe weet je of je geloof werkelijk is?

Nu komen we bij een belangrijke nuance. Je kunt dit niet simpel oplossen door te zeggen: “Als je bang bent dat je niet gered bent, ben je waarschijnlijk wel gered.” Dat is te simpel.

Ook iemand die zichzelf bedriegt kan bang zijn. Daarom moeten we niet alleen kijken naar onze angst. We moeten kijken naar Christus en naar de vrucht van het geloof.

Geloof is niet slechts een intellectuele instemming. Jakobus maakt duidelijk dat een geloof zonder werken dood is. En Jezus zegt dat een goede boom herkenbaar wordt aan zijn vrucht.

De vraag is dus niet: “Ben ik perfect?” De vraag is: “Is Christus werkelijk het middelpunt van mijn leven geworden?”

Is er bekering? Is er geloof? Is er een nieuwe richting? Is er liefde voor Christus? Is er strijd tegen zonde? Is er verlangen naar heiligheid? Is er een verlangen om God te gehoorzamen?

Niet volmaakt. Maar werkelijk.

En ik weet wel dat je helemaal niets aan je eigen redding kan toevoegen, dat is niet wat ik zeg. En dat is ook niet wat Jakobus zegt. Want de wedergeboorte betekent niet dat je nooit meer zondigt. Het betekent dat je niet meer dezelfde persoon bent die je was.

En daar zit een belangrijk onderscheid. Je kunt ervan overtuigd zijn dat Jezus werkelijk heeft bestaan. Je kunt zelfs geloven dat Hij gestorven en opgestaan is. Maar dat betekent nog niet automatisch dat je persoonlijk op Hem vertrouwt voor je redding. Zelfs de duivelen geloven dat God één is, zegt Jakobus. Zaligmakend geloof is meer dan erkennen dat bepaalde dingen waar zijn. Het is Christus vertrouwen en tot Hem komen.

Ik weet nog goed dat óók ik op een gegeven moment overtuigd was dat de Bijbel waarheid sprak. Na vele gesprekken begreep ik dat het niet houdbaar was om te ontkennen dat Jezus gestorven en opgestaan was. Toch wilde ik eerst helemaal niets van Hem weten!

Ik kon dus geloven dát Jezus bestaan had. Ik kon zelfs niet meer eerlijk ontkennen dat Hij gestorven en opgestaan was. Maar ik wilde Hem nog steeds niet. Ik wilde mijn eigen leven leiden. Pas toen ik mijzelf niet langer als mijn eigen redder wilde zien en mij tot Jezus wendde, veranderde dat. Ik vroeg Hem om mij te redden.

Als je nieuwsgierig bent naar maar hele verhaal kun je mijn getuigenis bekijken en lezen: Waarom ik Christen èn Zendeling ben (Jurgen Hofmann, Bekeringsverhaal van een Housende Twijfelaar)

En misschien ben je bang voor de onvergeeflijke zonde

Er is nog een andere vorm van geloofstwijfel waar veel christenen mee worstelen. Misschien heb je iets tegen God gezegd. Misschien heb je een verschrikkelijke gedachte gehad. Misschien heb je gezondigd en denk je: “Heb ik nu de onvergeeflijke zonde gepleegd?”

Om dit artikel niet te lang te maken ga ik daar nu niet op in. Bovendien heb ik daar al eerder een artikel over geschreven: “ONVERGEEFLIJKE ZONDE: Waarom veel christenen onnodig bang zijn.”

En ook daar geldt: laat angst je niet wegtrekken van Christus. Ga juist naar Christus toe.

Want iemand die werkelijk verlangt naar vergeving en naar Christus vlucht, moet niet denken: “Misschien wil Jezus mij niet meer.”

Jezus zegt: “Wie tot Mij komt, zal Ik beslist niet uitwerpen.”

Waar moet je dan je zekerheid vandaan halen?

Dus als jij vandaag worstelt met de vraag: “Ben ik wel gered?” wil ik je vragen om drie dingen te onthouden.

Ten eerste: je redding rust op Christus. Niet op jouw prestaties. Niet op de kracht van jouw emoties. Niet op het aantal keren dat je bidt. Niet op hoe goed je deze week hebt geleefd. Christus is jouw hoop.

Ten tweede: onderzoek de vrucht van Gods werk in je leven. Niet om jezelf te redden, maar om te zien of het geloof werkelijk leeft. Is er bekering? Is er liefde voor Christus? Is er strijd tegen zonde? Is er verlangen naar God? Is er een nieuwe richting? Dat hoeft allemaal niet volmaakt te zijn. Het is ook niet zo dat het altijd en elk moment even sterk aanwezig moet zijn. Maar er moet iets van leven zichtbaar worden.

En ten derde: wanneer je valt, vlucht dan naar Christus. Niet bij Hem vandaan.

Dat is misschien wel het belangrijkste.

Wanneer je zondigt, zegt je vlees: Verberg je. Blijf weg. Je bent het niet waard. God wil je niet meer.

Maar het evangelie zegt: Ga naar Christus.

Belijd je zonde. Bekeer je. Vertrouw opnieuw op Zijn genade. Want Johannes schrijft in 1 Johannes 1:9

Als wij onze zonden belijden: Hij is getrouw en rechtvaardig om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid.

Kijk omhoog

Misschien heb je jarenlang geprobeerd zekerheid te krijgen door steeds opnieuw naar binnen te kijken.

Voel ik genoeg? Geloof ik genoeg? Heb ik genoeg berouw? Ben ik wel veranderd? Was mijn bekering wel echt?

Maar misschien moet je vandaag iets anders doen.

Kijk omhoog.

Kijk naar Jezus.

Want uiteindelijk is de vraag niet: “Ben ik een perfecte christen?” De vraag is: “Is Christus mijn Redder?”

En als jij werkelijk tot Hem komt, hoef je niet te wachten tot je jezelf waardig genoeg vindt. Je komt juist omdat je het niet waardig bent.

Dat is genade.

De duivel wil dat je voortdurend naar jezelf kijkt. Het evangelie roept je om naar Christus te kijken.

En hoe meer je naar Hem kijkt, hoe meer je zult ontdekken:

Mijn hoop ligt niet in mij.

Mijn hoop ligt in Hem.

Mijn redding ligt niet in mijn prestaties.

Mijn redding ligt in Zijn volbrachte werk.

Mijn zekerheid ligt niet in hoe sterk ik mij voel.

Mijn zekerheid ligt in de trouw van mijn Redder.

Dus als jij vandaag met geloofstwijfel worstelt, wil ik je niet simpelweg zeggen: “Maak je geen zorgen.”

Ik wil je iets veel beters zeggen:

Ga naar Jezus.

Vertrouw op Jezus.

Houd je vast aan Jezus.

En wanneer je valt: vlucht opnieuw naar Jezus.

Want Hij is niet een Redder die mensen uitnodigt om vervolgens degene die werkelijk tot Hem komt weg te sturen.

Hij zegt: “Wie tot Mij komt, zal Ik beslist niet uitwerpen.”

Dat is geen gevoel.

Dat is Zijn belofte.

En daarom kun je je ogen van jezelf afhalen…

…en ze richten op Christus.

Want je zekerheid begint niet bij hoe groot jouw geloof is.

Je zekerheid begint bij hoe groot jouw Redder is.

5 1 stem
Article Rating
Abonneer
Laat het weten als er
guest
0 Comments
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties
%d bloggers liken dit: